Per 2026 treedt de Wet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (kort:Wet VBAR) in werking. Het doel van de wet is tweeledig: duidelijkheid scheppen over wanneer iemand daadwerkelijk zelfstandige is en het tegengaan van schijnzelfstandigheid, en mensen met een laag tarief (onder de tariefgrens) een versterkte rechtspositie geven. De wet legt beoordelingscriteria vast en introduceert een rechtsvermoeden voor werkenden onder een bepaalde tariefgrens zodat zij makkelijker kunnen stellen of er sprake is van eenarbeidsovereenkomst.
De Wet VBAR bundelt en formaliseert toetsingscriteria — eerder ontwikkeld in jurisprudentie —in één wettelijke toets. Daarnaast wordt een rechtsvermoeden geïntroduceerd voor werkenden die minder dan een bepaalde uur- of projectvergoeding ontvangen; dit moet kwetsbare werkenden beschermen en oneigenlijk gebruik van zzp-constructies tegengaan. Ten slotte publiceert de wet (en het daaraan gekoppelde besluit) concretere aanknopingspunten voor het gezagscriterium en andere elementen van de arbeidsrelatie. (Bronnen: Tweede Kamer,Rijksoverheid, Raad van State).
Kort antwoord: juridisch niet op het punt van de VBAR. De wet richt zich op de feitelijke arbeidsrelatie tussen opdrachtgever en werkende, niet op de rechtsvorm. Of iemand werkt vanuit een eenmanszaak, een besloten vennootschap (BV) of een andere rechtsvorm is op zich geen vrijbrief om als zelfstandige te worden aangemerkt. De beoordeling blijft feiten- en omstandigheden‑gericht.
Je kunt denken aan:
- Wie bepaalt werktijden
- Wie draagt ondernemersrisico
- Is er vervanging mogelijk
- Hoe is de verhouding ten opzichte van de opdrachtgever?
Als het total van feiten wijst op een dienstbetrekking, kan je ondanks dat je werkt vanuit een BV als schijn zelfstandige worden aangemerkt.
De VBAR is ingevoerd omdat langdurige juridische onzekerheid bedrijven en zelfstandigenfrustreerde en omdat misbruik van zelfstandigenconstructies voorkomt dat werkgevers hunwerkgeversrisico’s en -kosten dragen. Schijnzelfstandigheid ondermijnt sociale bescherming(bijvoorbeeld bij ziekte, werkloosheid en pensioenopbouw) en zorgt voor oneerlijkeconcurrentie ten opzichte van werkgevers die werknemers in dienst nemen. Met de wet wil deoverheid zowel rechtszekerheid bieden als kwetsbare groepen beter beschermen
Praktische gevolgen voor opdrachtgevers en zzp’ers
1. Evaluatie van contracten en werkwijze
Organisaties moeten bestaande contracten en werkafspraken beoordelen aan de hand van deVBAR-toets. Een papieren contract waarin iemand ‘zzp’er’ heet is niet genoeg; de feitelijke situatie telt. Zorg dat beschrijving van zelfstandigheid (eigen risico, vervangings mogelijkheid, meerdere opdrachtgevers, eigen materiaal, vrijheid in planning) aantoonbaar is.
2. Tariefgrens en rechtsvermoeden
Let op werkenden met lage tarieven. Onder de tariefgrens (€37 per uur) kan de werkende het rechtsvermoeden gebruiken en makkelijker eisen dat sprake is van een arbeidsovereenkomst.Voor opdrachtgevers betekent dit dat zij bij structurele lage vergoedingen extra zorgvuldig moeten vastleggen waarom sprake is van zelfstandigheid.
3. Administratie en bewijsvoering
Bewaar stukken die zelfstandigheid ondersteunen: offertes naar andere opdrachtgevers, bewijsvan eigen reclame/marketing, facturen, meerdere gelijktijdige opdrachtgevers, investeringen in middelen of verzekeringen. Dit helpt bij een eventuele toets of controle.
4. Alternatieven en oplossingen
- Werk met modelovereenkomsten die de feitelijke zelfstandigheid ondersteunen en laat deze periodiek juridisch toetsen.
- Overweeg samenwerking via een WKR‑vriendelijke of payroll-constructie voor functies waar veel gezag is.
- Voor vaste, gelijksoortige werkzaamheden: heroverweeg inzet van personeel in dienst(arbeidsovereenkomst) of schaal medewerkers via een BV met duidelijk zakelijke vermogens- en beloningsstructuur.
- Train interne HR en inkoop om opdrachten zo te structureren dat zelfstandigheid aantoonbaar blijft beleidsadvisering (UWV, Belastingdienst) mee te wegen.
Conclusie: voorbereiden is essentieel
De Wet VBAR maakt de toets strikter en helderder, maar de kern blijft hetzelfde: de feiten bepalen of iemand zelfstandige is. Rechtsvorm (eenmanszaak of BV) verandert die toets niet automatisch. Voor opdrachtgevers en zzp’ers geldt nu: actie ondernemen, documenten op orde brengen en waar nodig werkvormen aanpassen. Duidelijke bewijsvoering en praktische afspraken zijn de beste verzekering tegen claims én tegen ongewenste arbeidsrechtelijke kwalificaties.
Niet je gewone financieel adviseur. Ontgrendelt je financiële potentieel
en zorg dat je geld aan het werk gaat!